Direct naar content

Regionale arbeidsmarktanalyses primair onderwijs

Nieuws 10 juni 2026

De arbeidsmarkt in het primair onderwijs heeft een sterk regionaal karakter. Ontwikkelingen in de ene regio zijn niet per definitie hetzelfde als in de andere. Voor schoolorganisaties is het daarom belangrijk een goed beeld te hebben van de arbeidsmarktsituatie in de eigen regio. Om de sector hierbij te ondersteunen, publiceert het Arbeidsmarktplatform PO ieder jaar regionale arbeidsmarktanalyses met de nieuwste cijfers, grafieken en tabellen over de arbeidsmarkt in het primair onderwijs per regio. Dit jaar zijn het er niet 18, maar 19 analyses – met Almere als nieuwe regio.

Nieuw dit jaar is de vernieuwde insteek van de analyses. Naast het presenteren van actuele cijfers ligt de nadruk meer op het duiden van ontwikkelingen en het zichtbaar maken van regionale verschillen. Ook verwijzen de analyses naar aanvullende bronnen, onderzoeken en praktijkverhalen die helpen om trends beter te begrijpen en te vertalen naar beleid en praktijk.

Benieuwd naar de arbeidsmarktsituatie in jouw regio? Klik dan op onderstaande kaart.

Inzicht in regionale verschillen

De regionale analyses laten zien hoe tekorten aan leraren en schoolleiders, daling van leerlingaantallen en veranderingen in teamsamenstelling zich per regio ontwikkelen. Waar in sommige gebieden de tekorten snel oplopen, kan elders juist de afname van het aantal leerlingen de druk op scholen vergroten.

Kerncijfers op een rij: wat valt op?

Spanningsindicator
De spanningsindicator van de pedagogische beroepen laat zien hoe moeilijk het is om personeel te vinden: hoe hoger de indicator, hoe krapper de arbeidsmarkt.

  • In Drenthe en Friesland is de arbeidsmarkt van de pedagogische beroepen het minst krap in 2025, met een indicator van allebei 1,4.
  • De G5-steden kennen onderling ook verschillen in krapte van de arbeidsmarkt. Opvallend is, is dat de spanningsindicator van Almere, Amsterdam en Rotterdam is afgenomen ten opzichte van 2024. Utrecht stad (gelegen in Midden-Utrecht) kent de krapste arbeidsmarkt van de pedagogische beroepen in 2025, de spanningsindicator was hier 7,3 (zeer krap).

Aantal leerlingen
Het aantal leerlingen in het primair onderwijs daalde tussen 2021 en 2025 landelijk met 1,5%, maar de regionale verschillen zijn groot.

  • De sterkste daling vond plaats in Amsterdam (–5,4%), de grootste groei was in Almere (+4,1%).
  • Voor de komende jaren wordt de grootste afname verwacht in Den Haag en Utrecht stad (–7,8% en -6,9%), en een verdere toename in Almere (+2,2%).

Uitval pabo

  • De uitval na één jaar is landelijk gestegen tot 15% (studiejaar 2024/2025).
  • In Amsterdam is de uitval na één jaar met 10,3% het laagst. In Limburg is de uitval het hoogst: hier stopte 20,5% van de studenten van studiejaar 2024/2025 binnen één jaar.

Samenstelling personeel
De vraag naar onderwijspersoneel wordt niet alleen bepaald door de ontwikkeling van het aantal leerlingen. Ook de uitstroom van personeel, onder andere naar pensioen, speelt een belangrijke rol.

  • In 2025 was ongeveer 20% van het personeel (in fte) in het primair onderwijs 55-plus. Dit is met name onder het directiepersoneel een groot aandeel: landelijk is 29% hiervan 55-plus. In Amsterdam is 25% van het onderwijspersoneel 55 jaar of ouder.
  • In 2025 was ongeveer 31% van het personeel (in fte) jonger dan 35 jaar. Zeeland kent de grootste groep onderwijspersoneel dat jonger is dan 35 jaar, namelijk 39%.

Ook interessant

Bekijk het overzicht