Behoud van leraren: ontwikkeling verzuimpercentages en redenen ziekteverzuim

Om leraren voor het primair onderwijs te behouden is het belangrijk om uitval door werkgerelateerde ziekte te voorkomen. Lees hieronder actuele informatie over de ontwikkelingen in het verzuimpercentage en redenen van ziekteverzuim in het primair onderwijs.

Maak uw keuze

Ontwikkeling verzuimpercentages

Het ziekteverzuimpercentage onder het onderwijzend personeel in het basisonderwijs is de afgelopen jaren licht afgenomen, van 5,9 procent in 2018 naar 5,7 procent in 2020 (Figuur 1). In het speciaal onderwijs ligt het ziekteverzuimpercentage hoger dan in het basisonderwijs, maar daalt de afgelopen jaren ook. Van 7 procent in 2018 naar 6,4 procent in 2020.

Het verzuimpercentage voor het overig verzuim onder het onderwijzend personeel is de afgelopen jaren nagenoeg gelijk gebleven. Voor het basisonderwijs geldt een verzuimpercentage van zo’n 4 procent in 2019, voor het speciaal onderwijs ligt dit percentage iets lager op ongeveer 3,5 procent.

Als we kijken naar leeftijd, blijkt het verzuimpercentage in het basisonderwijs onder onderwijzend personeel ouder dan 55 jaar tweeënhalf keer zo groot dan onder jongeren tot 35 jaar. Ook in het speciaal onderwijs is het verzuimpercentage onder ouder onderwijzend personeel hoger dan onder jongeren. De meldingsfrequentie is van 2019 op 2020 nagenoeg gelijk gebleven, terwijl de gemiddelde verzuimduur met twee dagen is gestegen.

Redenen ziekteverzuim leraren

Uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden uit 2020 blijkt dat leraren in het primair onderwijs vooral verzuimen vanwege griep of verkoudheidsklachten (bijna 39 procent), gevolgd door overige klachten (bijna 12 procent) en psychische klachten, overspannenheid en burn-out (zo’n 7 procent). Bijna 16 procent van de leraren geeft in het onderzoek aan dat zij nog nooit verzuimd hebben.

Bron: Hooftman, W. & De Vroome, E. (2021). NEA 2020 tabellen specifiek voor de sector primair onderwijs. Leiden: TNO.

Een meerderheid van de leraren, 71 procent, heeft niet het idee dat de klachten die zij hebben het gevolg zijn van hun werk (Figuur 2). Zo’n 8 procent geeft aan dat dit in grote mate wel het geval is, terwijl bijna 16 procent van de leraren het idee heeft dat hun klachten deels het gevolg zijn van hun werk. Werkdruk en werkstress (zo’n 44%) zijn volgens de leraren de belangrijkste redenen in het werk die (geheel of voor een deel) leidden tot het ontstaan van klachten. Gevolgd door de categorie ‘iets anders’ (34 procent).

Verzuim door COVID-19

Het afgelopen jaar is ook COVID-19 een reden geweest van verzuim in het primair onderwijs. Uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden uit 2020 blijkt dat zo’n 3 procent van het personeel in de sector heeft verzuimd door COVID-19, waar dit ook bevestigd is met een test (Figuur 3). Verder geeft ruim 27 procent aan dat de klachten bij hun laatste verzuim misschien door COVID-19 zijn veroorzaakt, maar dat zij daarop niet getest zijn.